Een kruidentuin aanleggen & kruiden kweken

Een kruidentuin aanleggen & kruiden kweken

Natuurlijk kun je verse kruiden in de supermarkt kopen, maar als je ze zelf zaait en verder opkweekt, zijn ze veel lekkerder! En het is echt niet moeilijk.

Allereerst is het goed om te weten dat kruiden veel zon nodig hebben. Kies daarom een zonnige plek in je tuin uit voor je kruidentuin. Het liefst een plek die beschut is tegen de wind. Je kunt de kruiden ook in je siertuin of moestuin zaaien of een paar potten op een mooi plekje in de zon neerzetten. Je kunt het zo groot of klein maken als je zelf wil.

Het voordeel van potten is dat je je kruiden vrij schoon kunt oogsten. Er spat vaak geen zand op na regen. Maar een pot is ook erg begrensd: je zult meer moeten bemesten en vaker water moeten geven dan wanneer je kruiden in de volle grond staan. Daarom is het vooral ideaal voor een balkon, terras of binnenplaatsje. Heb je een beetje ruimte in je tuin, laat daar de kruiden dan hun gang gaan.

Zaaien of planten?

Eenjarige kruiden kun je goed zaaien, want ze groeien vrij snel. Je hoeft niet al het zaad in één keer te zaaien, het is prima om het op een koele, droge plek te bewaren voor volgend jaar. Eenjarige kruiden zijn: dille, anijs, kervel, tuinkers, basilicum, bonenkruid, oregano (wilde marjolein). Deze overleven de winter niet.

basilicum

Bij meerjarigen kun je kiezen tussen zelf zaaien of een plantje kopen en planten in je kruidentuin. Meerjarige kruiden zijn: munt, salie, lavas (maggiplant, kan wel twee meter hoog worden), bieslook, rozemarijn (niet winterhard, doe het ook goed in pot), peterselie (tweejarig).

Kruidentuin in vakjes

In het stukje tuin dat je hebt gereserveerd voor je kruidentuin, kun je verschillende vakjes maken. Houd ongeveer 40 bij 40 centimeter aan – kruiden hebben niet veel ruimte nodig. Je ziet vaak dat in traditionele kruidentuinen heggetjes worden gebruikt als afscheiding. Dat is geen aanrader. Deze heggen halen alle voeding uit de grond en zullen op den duur de hele grond doorwortelen. Er is dan geen plek meer voor de kruiden. Je kunt natuurlijk wel kruiden zelf als haagje gebruiken: lavendel of rozemarijn bijvoorbeeld. Maar een afscheiding van steentjes of bakstenen werkt ook prima.

Let wel even op dat verschillende kruiden groeien op verschillende omstandigheden. Zet kruiden die van dezelfde soort grond houden, vooral bij elkaar. Kruiden die van schrale grond houden, kun je beter een ander onderkomen in je tuin geven – een plek waar de grond sowieso al schraal is. Als dat écht niet mogelijk is, zou je scherpzand door de bodem kunnen mengen.

kruidentuin heggetjes
Een winterse foto van de kruidentuin

Humusrijke grond
Deze kruiden houden van humusrijke grond: dille, anijs, kervel, tuinkers, basilicum, bonenkruid, munt, lavas, bieslook, peterselie.

Gewone grond
Deze kruiden houden van gewone, doorlatende grond die niet extra bemest is: oregano, rozemarijn.

Schrale grond
Salie houdt van schrale grond.

Wanneer zaai je kruiden?

Kruiden zaai je eind april in de volle grond of in potten. Zodra de eerste echte blaadjes zijn bovengekomen (na de kiemblaadjes) kun je ze verspenen en op de definitieve plek zetten.

Bloemen in kruiden

Kruiden kunnen heel mooie bloemen krijgen (bieslook bijvoorbeeld!), maar dat is niet wenselijk. Het doel is immers dat de plant een sterke smaak behoudt. Als ze gaan bloeien, wordt de smaak minder. Eventueel kun je wel zaad oogsten als een kruid gebloeid heeft. Dan kun je volgend jaar zaaien van je eigen kruiden! Dat werkt bijvoorbeeld erg goed met peterselie.

rozemarijn bloemen

O, en heb je toch een basilicumplant in de supermarkt gekocht? Deze zijn niet erg sterk, maar alsnog kun je hem prima een tijd in leven houden. In dit artikel lees je hoe.

Wat zijn jouw favoriete kruiden?

Reageer op dit bericht

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*